Er is geen bewezen ideale frequentie. Afslankprogramma's waarin deelnemers zichzelf wogen, gaven 3,4 kilo meer verlies dan minimale begeleiding. Studies die om dagelijks wegen vroegen, deden het niet significant beter dan studies die om minder vaak vroegen. Voor gewichtsbehoud na afvallen wijst het bewijs naar bijna dagelijks wegen, telkens onder dezelfde omstandigheden en met oog voor het gemiddelde.

Er bestaat geen bewezen ideale frequentie. Wil je afvallen, dan lijkt één keer per week wegen binnen een plan ongeveer even goed te werken als dagelijks: studies die om dagelijks wegen vroegen, deden het niet significant beter dan studies die om minder vaak vroegen. Rechtstreeks tegen elkaar getest zijn de twee ritmes nog niet.
Wil je na het afvallen je gewicht behouden, dan komt het bewijs vooral uit (bijna) dagelijks wegen. De studies wijzen er ook op dat wat je met het cijfer doet en wie er meekijkt minstens zo zwaar wegen als het aantal keer. En bepaalt het cijfer van vanochtend wat je vandaag eet, dan weeg je beter minder vaak.
De man op de afbeelding is de arts Santorio Santorio. Hij woog zichzelf, zijn eten en zijn uitscheiding en publiceerde daar in 1614 een boek over. Hieronder staat wat vier eeuwen later gemeten is, hoeveel je gewicht in een gewone week schommelt en wie het onderzoek betaalde.
De beste samenvatting komt uit een meta-analyse die enkel gerandomiseerde studies toeliet. Vijftien studies vergeleken een afslankprogramma waarin deelnemers zichzelf wogen met minimale of geen begeleiding. Het verschil was 3,4 kilo meer gewichtsverlies, met een betrouwbaarheidsinterval van 2,6 tot 4,2 kilo.
De onderzoekers splitsten die studies op. Zeven vroegen om dagelijks te wegen, acht om minder vaak te wegen, zoals wekelijks. In de studies die om minder dan dagelijks wegen vroegen, was het verschil met de controlegroep 3,3 kilo. Tussen beide groepen vonden ze geen significant verschil. Twee kanttekeningen. Dit is een vergelijking tussen studies. Of deelnemers zich ook echt zo vaak wogen, werd in die studies niet gemeten.
Wegen zonder verdere begeleiding is een ander verhaal. In de enige studie die de meta-analyse daarover vond, kregen 183 volwassenen met obesitas een weegschaal, een weegkaart om hun weekgemiddelde te berekenen en een streefdoel. Na drie maanden waren ze 0,5 kilo meer kwijt dan de controlegroep. Dat verschil was statistisch niet significant. Het betrouwbaarheidsinterval was te breed om een zinvol effect uit te sluiten.
De programma's met duidelijke resultaten voegden lessen, feedback en iemand die meekeek toe aan het wegen.
Bron: Madigan e.a.1 2015, International Journal of Behavioral Nutrition and Physical Activity · Madigan e.a. 2014, International Journal of Behavioral Nutrition and Physical Activity
Een weegschaal meet het resultaat. Waar in je week de meeste winst ligt, toont de gratis healthcheck: in ongeveer drie minuten zie je of voeding, training, slaap of beweging jouw Grootste Winst is. Doe de gratis healthcheck
Wie de grote Amerikaanse trials leest, ziet telkens dagelijks wegen opduiken. In een studie met 91 volwassenen met overgewicht kregen de deelnemers een weegschaal die elke meting doorstuurde, een grafiek van hun verloop en elke week feedback op maat. Na zes maanden waren ze gemiddeld 6,55 procent van hun gewicht kwijt. In de controlegroep was dat 0,35 procent.
Bij 314 mensen die al gemiddeld 19,3 kilo verloren hadden, draaide een programma om dagelijks wegen en bijsturen. Na anderhalf jaar was 72,4 procent van de controlegroep minstens 2,3 kilo bijgekomen. Bij wie het programma in persoon volgde, was dat 45,7 procent.
Bij 599 jongvolwassenen draaiden twee programma's rond frequent wegen om gewichtstoename te voorkomen. Gemiddeld over alle metingen in drie jaar lag de controlegroep 0,26 kilo boven haar startgewicht. De groep met het meest ingrijpende programma lag 2,37 kilo eronder. Na twee jaar was dat +0,54 tegenover -1,50 kilo.
In elk van die studies was wegen één onderdeel van een pakket met lessen, feedback en begeleiding. Ze tonen dat dagelijks wegen goed werkt binnen een systeem. Hoeveel van het effect op rekening van het wegen zelf komt, kun je er niet uit afleiden.
Bron: Steinberg e.a.3 2013, Obesity · Wing e.a.5 2006, New England Journal of Medicine · Wing e.a. 2016, JAMA Internal Medicine
Je gewicht volgt een weekritme. Bij 368 Australische volwassenen die zich een jaar lang wogen, schommelde het gewicht elke week met ongeveer 0,3 procent, gemiddeld 252 gram. Maandag en dinsdag waren de zwaarste dagen, vrijdag de lichtste.
Een Europese studie met 1421 deelnemers vond hetzelfde patroon: 0,35 procent schommeling binnen de week, omhoog in het weekend en weer omlaag op weekdagen. Rond Kerstmis kwam er gemiddeld 1,35 procent bij, gemeten van het laagste punt in de maand ervoor tot het hoogste in de maand erna. Dat verdween in de maanden nadien niet volledig.
Dat zijn gemiddelde patronen van een hele groep. Ze tonen hoe het weekritme eruitziet. Hoeveel jouw eigen weegschaal van dag tot dag springt, meten ze niet.
Wie zich op maandag weegt en dat vergelijkt met vrijdag, ziet dus een stijging die bij het weekritme hoort. Vergelijk daarom altijd dezelfde dag met dezelfde dag. Beter nog: zet een weekgemiddelde naast het vorige.
Bron: Maher e.a.11 2023, JAMA Network Open · Turicchi e.a.10 2020, PLoS ONE
Een studie volgde 74 volwassenen negen maanden lang na een online afslankprogramma, met een weegschaal die elke meting registreerde. Wat samenhing met minder bijkomen, was het aantal weken waarin ze zich op minstens zes dagen wogen. Regelmaat op minder dagen per week en het totale aantal weegdagen hingen er niet mee samen.
Dat is een observationele studie. Het kan dus ook omgekeerd liggen: wie het goed doet, stapt makkelijker op de weegschaal. Voor de periode na het afvallen wijst ze toch in dezelfde richting als de grote trials: bijna dagelijks en zonder lange gaten.
In de studie met 91 deelnemers registreerde de slimme weegschaal in de drie maanden na het programma gemiddeld nog 4,0 weegdagen per week, tegenover 6,1 tijdens het programma. Volgens de auteurs kan een deel daarvan een meetprobleem zijn.
De les die ik eruit haal: kies een ritme dat je ook in een drukke week volhoudt. Een gemiddelde heeft pas betekenis als de metingen erachter regelmatig zijn.
Bron: Brockmann e.a.7 2020, Obesity · Steinberg e.a.3 2013, Obesity
Uit dezelfde meta-analyse komt het cijfer dat ik het interessantst vind. In veertien studies wisten de deelnemers dat een begeleider of onderzoeker hun metingen zag. Daar lag het verschil met de controlegroep op 3,6 kilo. In de twee studies zonder dat toezicht was het 2,3 kilo (p = 0,03).
In twee studies wisten deelnemers zelfs dat de begeleider contact zou opnemen als ze zich niet wogen. Daar liepen de verschillen op tot 5,6 en 8,8 kilo.
Een voorbehoud: dit is een vergelijking tussen studies die ook op andere punten verschillen. De auteurs noemen die analyse zelf observationeel.
Het sluit wel aan bij wat ik in mijn coaching hoor. Een klant zei me, nog voor het plan goed en wel liep: 'Gewoon omdat ik weet dat jij meekijkt, doe ik al meer.'
Bron: Madigan e.a.1 2015, International Journal of Behavioral Nutrition and Physical Activity
Bij volwassenen die willen afvallen, wijst het onderzoek die kant niet uit. In de trial met 91 deelnemers, van wie 47 de opdracht kregen zich dagelijks te wegen, zagen de onderzoekers geen toename van depressieve klachten of eetbuien. Wie al een eetstoornis had gehad, mocht niet deelnemen. De ontevredenheid over het eigen lichaam daalde. Het bewust beperken van wat ze aten, nam toe.
Een meta-analyse van 29 toetsen met 10.775 deelnemers vond geen verband tussen zelfwegen en stemming, lichaamsbeeld of verstoord eetgedrag. Enkel bij psychologisch functioneren, zoals zelfwaardering, was er een klein negatief verband (r = -0,08). Negatievere uitkomsten zagen de auteurs bij jongere deelnemers, bij mensen met een normaal gewicht, bij wie weinig afviel en bij wie zich woog buiten een begeleid programma.
Bij tieners ligt het anders. In een Amerikaanse studie met 2516 jongeren voorspelde frequent wegen bij meisjes vijf jaar later meer eetbuien en ongezond lijngedrag. Bij jongens zagen de onderzoekers dat verband niet.
En dan is er de zin die ik in gesprekken geregeld hoor: 'Als ik zie dat het omhoog gaat, eet ik die dag echt minder.' Op dat moment beslist de weegschaal over je bord. Wie zich daarin herkent of een eetstoornis achter de rug heeft, weegt beter minder vaak of laat het wegen een tijd over aan iemand anders.
Bron: Steinberg e.a.3 2014, American Journal of Preventive Medicine · Benn e.a.8 2016, Health Psychology Review · Neumark-Sztainer e.a.9 2006, Journal of Adolescent Health
Als historicus kijk ik altijd wie de rekening betaalde. Hier valt weinig op, op één belangenverklaring na.
De Amerikaanse trials die ik aanhaal, werden gefinancierd door de National Institutes of Health, één ervan aangevuld met een universitaire beurs. De twee Britse studies over zelfwegen kregen Brits overheidsgeld, de meta-analyse over de psychologische gevolgen geld van de Europese Onderzoeksraad. Geen enkele weegschaalfabrikant staat als financier vermeld.
De belangenverklaring: een van de auteurs van de driejarige studie bij jongvolwassenen zetelde in de wetenschappelijke adviesraad van een groot commercieel afslankbedrijf. Dezelfde auteur schreef ook mee aan drie andere studies hierboven, die verschenen vóór de toetreding tot die raad.
En dan een detail dat me deed glimlachen. De meta-analyse merkt op dat veelgebruikte Britse afslankprogramma's hun deelnemers toen afraadden om zichzelf thuis te wegen. Volgens dezelfde auteurs noemen deelnemers aan zulke groepsprogramma's net de wekelijkse weging bij de groepsleider vaak als het onderdeel dat hen het meest bij de les houdt.
Bron: Wing e.a.5 2016, JAMA Internal Medicine · Benn e.a.8 2016, Health Psychology Review · Madigan e.a.1 2015, International Journal of Behavioral Nutrition and Physical Activity
Weeg je dagelijks, doe het dan altijd op hetzelfde moment: 's ochtends, na het toilet, voor je eet of drinkt en op dezelfde weegschaal. Kijk naar het gemiddelde van zeven dagen en vergelijk dat met de week ervoor.
Weeg je één keer per week, kies dan een vaste dag en blijf daarbij. Door het weekritme is een maandag naast een vrijdag een oneerlijke vergelijking. Bepaalt het cijfer je stemming of je bord, ga dan naar één keer per week of minder.
Train je met gewichten, dan vertelt de weegschaal maar een deel van het verhaal. Spieren groeien traag en je buikomtrek of je krachtcijfers zeggen vaak meer over je vooruitgang.
In mijn coaching werk ik met twee tot drie nuchtere metingen per week en stuur ik op het verloop over weken. Dat is een praktijkkeuze. Wie na het afvallen het gewicht wil behouden, vindt in het onderzoek eerder steun voor bijna dagelijks wegen. Wat de studies laten zien: wegen werkt binnen een plan. Met iemand die mee naar de lijn kijkt, werkt het mogelijk nog beter.
| Wat er getest werd | Resultaat | Bron |
|---|---|---|
| Weegschaal, weegkaart en streefdoel, zonder verdere begeleiding | 0,5 kilo meer verlies, niet significant | 1 gerandomiseerde studie, 183 deelnemers |
| Afslankprogramma waarin deelnemers zichzelf wogen | 3,4 kilo meer verlies dan minimale of geen begeleiding | 15 gerandomiseerde studies |
| Opdracht dagelijks tegenover minder dan dagelijks wegen | geen significant verschil | vergelijking tussen 7 en 8 studies |
| Dagelijks wegen met feedback en wekelijkse lessen, 6 maanden | 6,55 tegenover 0,35 procent gewichtsverlies | 1 gerandomiseerde studie, 91 deelnemers |
| Programma rond dagelijks wegen na afvallen, in persoon, 18 maanden | 45,7 tegenover 72,4 procent kwam 2,3 kilo of meer bij (online: 54,8 procent) | 1 gerandomiseerde studie, 314 deelnemers |
| Iemand die je metingen ziet | 3,6 tegenover 2,3 kilo meer verlies | vergelijking tussen 14 en 2 studies |
| Gemiddeld weekpatroon van de groep | ongeveer 0,3 procent, maandag het zwaarst | cohort van 368 volwassenen |
Er is geen bewezen ideale frequentie. Studies die vroegen om dagelijks te wegen, deden het niet significant beter dan studies die om minder vaak vroegen, zoals wekelijks. Rechtstreeks tegen elkaar getest zijn de twee nog niet. Kies het ritme dat je volhoudt en kijk naar het gemiddelde.
Bij volwassenen zonder voorgeschiedenis van eetstoornissen die wilden afvallen, vond een gerandomiseerde studie geen toename van depressieve klachten of eetbuien. Bij tienermeisjes voorspelde frequent wegen meer eetbuien. Bepaalt het cijfer wat je die dag eet, weeg dan minder vaak.
Telkens op hetzelfde moment: 's ochtends, na het toilet, voor je eet of drinkt en op dezelfde weegschaal. Zo vergelijk je metingen die onder dezelfde omstandigheden genomen zijn.
Je gewicht volgt een weekritme. In een studie met 368 volwassenen schommelde het elke week met ongeveer 0,3 procent: maandag en dinsdag het zwaarst, vrijdag het lichtst. Vergelijk dus altijd dezelfde dag met dezelfde dag.
Daar is weinig bewijs voor. In de enige gerandomiseerde studie die het apart testte, gaven een weegschaal, een weegkaart en een streefdoel zonder verdere begeleiding 0,5 kilo extra verlies, statistisch niet significant. Binnen een programma met lessen en feedback zit het in de studies met de sterkste resultaten.
Voor de periode na het afvallen komt het bewijs vooral uit bijna dagelijks wegen. Na een verlies van gemiddeld 19,3 kilo kwam in een programma rond dagelijks wegen 45,7 procent minstens 2,3 kilo bij, tegenover 72,4 procent in de controlegroep.
Timon geeft High Performance 1:1 Health Coaching, waar je ook woont. Wie de app gebruikt of gecoacht wordt, kan in Gent, België ook samen met hem in de gym trainen.
Reageer hieronder. Zeg wat je denkt of welke claim ik moet uitzoeken. Je reactie staat er meteen en iedereen kan ze lezen.
Jij kiest het onderwerp van mijn volgende weekmail. Eén tik is genoeg.
Wat ik die week onderzocht, in drie zinnen samengevat, met de bronnen erbij. Uitschrijven kan altijd.
Elk cijfer in dit artikel is tegen de oorspronkelijke publicatie gelegd.
Dit artikel is informatie, geen medisch advies. Heb je klachten, ben je zwanger of neem je medicatie, overleg dan met je arts voor je iets verandert.

Ik ben gezondheidscoach in Gent en ik bouwde een app. Coach Timon draait op dezelfde regels als die ik bij mijn één-op-éénklanten gebruik en past je training en voeding elke week aan je eigen data aan. Dit is waarom ik hem bouwde, voor wie hij is en wat hij kost.
Lees het artikel
Een personal trainer begeleidt doorgaans één kant van je gezondheid: de training. Een personal coach neemt alle vier de bouwstenen mee: training, voeding, lifestyle en slaap. Want het meeste resultaat ontstaat buiten de gym, in de structuur van je week.
Lees het artikelVul de gratis healthcheck in en krijg een persoonlijke analyse van hoe je je gezondheid verbetert, met kleine praktische tips.
Eén korte mail per week die steunt op onderzoek, voor gedreven mensen. Uitschrijven kan altijd.
Stel je vraag rechtstreeks aan mij. De chat laadt pas als je hem start en gebruikt cookies van mijn chatsoftware om het gesprek te onthouden.
Meer in het cookiebeleid